Posts tonen met het label internet concentratie hersenen. Alle posts tonen
Posts tonen met het label internet concentratie hersenen. Alle posts tonen

vrijdag 20 januari 2012

Einde van vrij internet?

Artikel van Danny Mekic in NRC

In de Verenigde Staten dreigen twee desastreuze wetsvoorstellen te worden aangenomen – de Stop Online Piracy Act (SOPA) en de Preventing Real Online Threats to Economic Creativity and Theft of Intellectual Property Act (PIPA). Deze nieuwe wetten maken het mogelijk om websites te blokkeren, een internetadres (bijvoorbeeld google.com) in beslag te nemen, betalingen aan websites (bijvoorbeeld Visa, Mastercard of Paypal) te verbieden, websites uit zoekmachines te verwijderen of adverteerders te verbieden samen te werken met een website.

Deze maatregelen kunnen door rechters worden opgelegd als een website „inbreuken op auteursrechten faciliteert”. De eigenaar van de website hoeft dus niet zélf schuldig te zijn aan de inbreuk. Eén inbreuk makende gebruiker – van de honderden miljoenen – is voldoende.

Juist door het succesvolle open karakter van alle genoemde websites – de gebruikers bepalen de inhoud – lopen ze gevaar om te worden geblokkeerd, met de botte bijl. De gehele website wordt geraakt en niet bijvoorbeeld een pagina of foto die is gepubliceerd zonder benodigde toestemming. Het is als de gehele Beverwijkse Bazaar die wordt volgestort met beton vanwege één gekopieerd cd’tje. Daarom gingen Wikipedia en vele andere websites, die nu slechts een concrete inbreuk op auteursrechten hoeven te verwijderen, de afgelopen week uit protest op zwart.

Tegelijkertijd oordeelde een Nederlandse rechter dat internetproviders The Pirate Bay – een online telefoongids met verwijzingen naar films en muziek – moeten blokkeren. Als dit oordeel in hoger beroep standhoudt, zet het de deur open voor internetcensuur uit commerciële belangen. Dit betekent het einde van internet zoals we dat kennen. In dat geval zal de politiek moeten ingrijpen.

Westerse democratieën die voor de grondrechten van de burger opkomen, moeten ongecensureerde toegang tot informatie en vrijheid van communicatie waarborgen, en zeker Nederland, dat het belangrijkste internetknooppunt van Europa vormt.

Het Nederlandse vonnis beperkt de vrije toegang tot internet, maar niet de illegale websites zelf of de handelaren in namaakproducten worden aangepakt. Onschuldige internetgebruikers worden gedupeerd. Als rechtvaardiging voor het beperken van deze grondrechten wordt het „beschermen van auteursrechten genoemd”. Het downloaden van internet zou aan banden kunnen worden gelegd.

Is dit wenselijk? Heeft de muziekindustrie werkelijk last van downloaden? Het tegendeel lijkt eerder het geval. Niet alleen wist een recordaantal bioscoopbezoekers in 2011 de weg naar de filmhuizen te vinden, maar ook steeg de Nederlandse muziekexport voor het zesde jaar op rij, deze keer met 25 procent naar 80 miljoen euro. Nooit eerder werd er zo veel geld uitgegeven aan concerten en festivals. De wereldwijde muziekomzet is de afgelopen jaren gestegen van 60,7 miljard naar 66,4 miljard dollar.

Uit diverse onderzoeken (SEO Economisch Onderzoek, Instituut voor Informatierecht en TNO, 2009) blijkt dat downloaders juist méér geld uitgeven aan muziek en films, niet minder. Dit geldt niet alleen voor onbekende artiesten. André Rieu verkocht bij zijn eerste bezoek aan Mexico vijftigduizend concertkaarten. Zijn niet eerder uitgebrachte cd’s noteerden vervolgens de eerste, vijfde en negende plaats in de toptien. De Mexicanen kenden zijn muziek al – via internet.

Desondanks probeert de platenindustrie, die vroeger nodig was voor de vervaardiging en distributie van langspeelplaten, de onlinemuziekdistributie aan banden te leggen, door innovatie tegen te werken (iTunes en Spotify zijn de enige succesvolle voorbeelden in tien jaar), initiatieven te laten imploderen in rechtbanken en met een krachtige lobby. Door het veel te dure iTunes-aanbod, dat na aanschaf niet vrijelijk mag worden gebruikt, of het beperkte Spotify, waarvan steeds meer platenlabels weglopen, staat de onlineconsument voor aap met dit allesbehalve volwassen legale aanbod.

Gelukkig downloaden thuisgebruikers legaal in Nederland. Via de Thuiskopieregeling hebben artiesten in de afgelopen jaren tientallen miljoenen euro’s gekregen. In ruil hiervoor mogen consumenten muziek en films downloaden voor thuisgebruik. Niet voor niets ontving staatssecretaris Teeven (Justitie, VVD) eind vorig jaar een petitie van de artiestenbonden, de Consumentenbond en FNV KIEM (Kunsten, Informatie, Entertainment en Media) tegen een downloadverbod en vóór behoud en uitbreiding van de regeling.

Met de Nederlandse blokkade en met de Amerikaanse wetsvoorstellen belanden we op een hellend vlak. Commerciële conflicten tussen derden leiden tot internetcensuur en tot een devaluatie van grondrechten. Nu gaat het nog om inbreuken op auteursrechten, maar te verwachten valt dat de wetten en jurisprudentie worden verbreed. Dit zal leiden tot steeds groter wordende internetcensuur.

Dit alles gaat ten koste van onschuldige klanten. Het wordt uitgevoerd door internetproviders die zich moeten gedragen als internet cops. Het gevaar is dat internet langzamer, instabieler en duurder wordt. Innovatieve start-ups en gevestigde bedrijven zullen er minder graag in investeren.

Er zit dan nog maar één ding op voor hen die gevrijwaard willen blijven van ongerichte censuur – de blokkades met een paar muisklikken omzeilen en zodra dit onmogelijk wordt een nieuwe, ondergrondse, snelweg bouwen, waarbij de sterke arm voor échte criminaliteit geen jurisdictie meer heeft. Deze ontwikkeling is zeer onwenselijk.

NRC 20 janauri 2012

woensdag 9 maart 2011

Gelezen in NRC Handelsblad 7 maart: Nicholas Carr :"Internetten maakt de mensen dommer" Maar relativeert het ook meteen weer. Lees het volledige artikel door op deze titel te klikken

'Internetten maakt de mensen dommer'
Schrijver Nicholas Carr over de intellectuele en emotionele nadelen van het constant online zijn
Door Peter Teffer


Internetten vreet aan de bedachtzaamheid, schrijft Nicholas Carr in Het ondiepe. Hij weet hoe moeilijk het is er vanaf te blijven. De nadruk komt te liggen op utilitair gebruik van het verstand.
Nicholas Carr weet hoe moeilijk het is om te minderen met internet. E-mail, nieuws, Facebook, ze werken verslavend. Carr beseft daarentegen als geen ander dat zijn online gedrag een negatief effect heeft op zijn hersenen. De Amerikaanse auteur heeft moeite zich lange periodes achtereen te concentreren. Ik doe mijn best meer boeken te lezen, maar ik voel nog steeds de drang om te kijken wat er op het web gebeurt, vertelde Carr in een gesprek in Rotterdam. Hij was vorige week in Nederland wegens de vertaling van zijn boek The Shallows - in het Nederlands verschenen als Het ondiepe. Hoe onze hersenen omgaan met het internet. In dat boek beargumenteert hij dat de vele afleidingen die internet biedt, ons vermogen om diep na te denken aantasten. Door constant te worden afgeleid door nieuwe berichten op Twitter en Facebook, te klikken op links en verdwaald te raken op het web, went het brein aan oppervlakkigheid.

Misschien zijn we straks beter in het scannen van artikelen en informatie opzoeken op internet, en minder goed in wat u noemt 'diep lezen'. Is dat erg?

Het soort aandachtige denken dat tot uiting komt door diep lezen is voor mij de meest verfijnde manier van denken. Natuurlijk is het een belangrijke vaardigheid dat we ook teksten vluchtig kunnen doornemen en scannen. Maar als dat het enige is wat we nog doen, als we het vermogen om ons te concentreren kwijtraken, verliezen we de fundering voor een intellectueel leven.

Er zijn aanwijzingen dat de verwarde manier van denken die gepaard gaat met internet het vermogen om zelf na te denken in de weg staat. Verdiept zijn in een enkele gedachtengang heeft iets wat je lijkt te bevrijden van traditionele inzichten. Die manier van denken ligt ten grondslag aan veel culturele en sociale doorbraken, of dat nu in de wetenschap, kunst of politiek is.

Als de ontwikkelingen zich voortzetten, hoe zal de intellectuele wereld er dan uitzien in bijvoorbeeld 2070, wanneer de meesten zijn geboren in het internettijdperk?

Ik denk dat ons ideaal van wat een rijk intellectueel leven is dramatisch zal zijn veranderd. De nadruk zal liggen op een zeer utilitair gebruik van het verstand: het oplossen van goed gedefinieerde problemen, het vinden van informatie. Dingen waar computers en internet goed in zijn. Beschouwend, meditatief denken zonder specifiek doel zal nog wel bestaan, maar naar de periferie van de samenleving zijn geschoven. Misschien dat nog maar een kleine groep mensen, zoals vroeger monniken, zich daarmee bezighoudt.

Maar zullen we rouwig zijn over het verlies van het 'bedachtzame denken'?

Als er iets is wat de geschiedenis van technologieën ons vertelt, dan is het dat we ons heel gemakkelijk aanpassen. Technologie herdefinieert constant hoe we onze levens beoordelen. Oude methodes worden als overbodig gezien, omdat we ze overbodig hebben gemaakt. Niet alles wat we hebben weggegooid, verdiende dat ook. Omdat we ook zoveel positieve gevolgen van het weggooien hebben, verliezen we uit het oog wat we kwijt zijn geraakt.

Denkt u dat de mensheid in 2070 op uw zorgen terugkijkt zoals we nu terugkijken op Socrates, met zijn zorgen over het alfabet?

Lachend: Ik wil mezelf zeker niet in dezelfde categorie plaatsen als Socrates. Maar inderdaad, uiteindelijk zeggen we tegen elkaar: 'ach, wat hadden ze het toch mis. Wat waren die mensen in het verleden die diep lezen zo belangrijk vonden toch onnozel'. En Socrates' wantrouwen tegenover het schrift komt ons nu zo dwaas over, dat het gemakkelijk te verwerpen is. Maar hij had op sommige punten vrijwel zeker gelijk. Bepaalde capaciteiten, zoals geheugenvaardigheden, móéten verloren zijn gegaan toen we van een mondelinge naar een schriftelijke cultuur gingen.

U adviseert om momenten in de dag in te lassen waarop je niet online bent.

Ja, maar ik besef ook dat dat gemakkelijk is om te zeggen, maar niet om te doen. Internet is vervlochten met allerlei aspecten van de samenleving en door het mobiele internet is het altijd bij je. Er zijn wel aanwijzingen dat sommige mensen minder afgeleid willen worden. Programmaatjes als Freedom en Anti-Social zorgen dat je een bepaalde tijd niet kunt internetten of inloggen op Facebook. Het is een beetje droevig dat we software nodig hebben om ons te helpen bij ons concentratieprobleem. De vraag is, groeit dit uit tot een beweging die zegt: we willen minder afleidingen? Ik heb mijn bedenkingen.

Info: Nicholas Carr: Het ondiepe. Hoe onze hersenen omgaan met het internet.

Heel herkenbaar allemaal. Ook ik ben vaak niet van het internet "af te slaan". En dat het mijn concentratievermogen aantast is duidelijk: ik krijg steeds meer moeite om me te concentreren op een boek of lange teksten. Dus ga ik het advies ter harte nemen (denk ik nu

Blogarchief